image_pdfimage_print

Dat is een vaak gehoorde uitspraak over de Nederlands-Indische gemeenschap
Vreemd eigenlijk.
Want veel Oosterse culturen, en ook de Indische, zijn echte verhalenculturen
waar de geschiedenis mondeling wordt overgeleverd aan volgende generaties.
Neem bijvoorbeeld de traditionele Javaanse Wajang voorstellingen.
Daar is sprake van een “Dalang”, een verteller in de vorm van een leidende figuur wiens poppen een verhaal uitbeelden.
Dus waar komt zo’n uitspraak dan vandaan?
Ik ben eens gaan graven.
Na de Indonesische onafhankelijkheid moesten tussen 1950 en 1960 zo’n 300.000 tot 350.000 Indische Nederlanders hun geboorteland verlaten.
De meesten vestigden zich hier.

Maar Nederland was in die tijd, na de tweede wereldoorlog, nog flink in opbouw. En daarom was men Nederland zo veel mogelijk bezig met vooruit kijken.
En als het al over de oorlog ging dan vooral over de verschrikkingen die hier
hadden plaatsgevonden.
Veel Indische Nederlanders ontdekten dat hier geen luisterend oor was voor hún
verhalen, hún ervaringen, hún verschrikkingen.
Ze kregen te horen dat het belangrijk was om niet achterom maar juist vooruit te kijken.

Dat de toekomst nu hier was.
In dat voor velen onbekende Nederland.
En dat ze zich maar zo snel mogelijk moesten aanpassen aan de gebruiken en de cultuur hier.
En wat doe je dan als minderheid?
Je zwijgt.
Je praat er niet over.
Je denkt ‘Soedah, laat maar’
En je gaat door met je zo goed mogelijk proberen aan te passen in je nieuwe thuisland.
Ik vind het zelf verschrikkelijk jammer dat er om die redenen in die begin jaren niet veel over deze ervaringen is gesproken.
Want leren van de ervaringen van anderen, van hun verhalen is ontzettend belangrijk.

Het is niet alleen jammer voor de jongeren van Indische afkomst dat hun opa’s en oma’s hierdoor niet met ze over het verleden hebben gesproken.
Maar ook voor alle Nederlanders.
Want het verhaal van Nederlands-Indië vormt al sinds de zeventiende eeuw een belangrijk onderdeel van de Nederlandse geschiedenis.
En daarom is het goed dat er exposities als deze worden ingericht die het zwijgen doorbreken.
En wel die verhalen vertellen die zo lang niet verteld zijn.
Door exposities als deze houden we die verhalen levend.
En vergeten hopelijk we niet wat er in Nederlands-Indië allemaal is gebeurd.

Ik heb net al even mogen rondkijken in de expositie die door de vrijwilligers van het Crash museum met veel zorg is ingericht.
Sommigen van hen hebben zelf Indische roots.
Niet alleen ziet u foto’s uit de archieven van twee families maar ook militaire
uniformen en zelfs een geheel ingerichte Indische woonkamer.
Kortom genoeg te zien en te leren dus!
Ik kan me voorstellen dat jullie allemaal staan te popelen om de expositie te bekijken.

En ga jullie daarom niet langer ophouden.
Daarom verklaar ik de expositie “De vergeten Oorlog over Nederlands-Indië” nu voor geopend.